donderdag 31 december 2009

De oogst van 2009

Als ik mijn leesavonturen goed heb bijgehouden heb ik dit jaar niet meer dan 29 boeken (fictie) gelezen. Voeg daarbij een stuk of zes verhalenbundels (Saki, Poe, Bierce, O'Connor, Jackson, Boccaccio e.a.) die ik niet uitkreeg en de teller blijft rond de 33 boeken steken. Nog geen boek per week dus. Niet over zeuren, het is per slot van rekening de kwaliteit van de leeservaring die telt. Naast fictie las ik alweer meer non-fictie, daartoe vooral gestimuleerd door tentoonstellingen voor de UB over Samuel Johnson en Charles Darwin. Alles bij elkaar geen slecht boekenjaar. Hoogtepunten? Flauberts Salammbô, McEwans Enduring Love en de verhalen van Ambrose Bierce. Dieptepunt: Alice in wonderland. Een bijzondere vermelding voor Anton Valens' Vis en Hella Haasse's Oeroeg.

Moge 2010 jullie allemaal veel geluk brengen, al dan niet in boekvorm!

zondag 27 december 2009

3e Kerstdag


Na twee dagen copieuze diners ten verschillenden huizen, vanavond op naar ome Gerrit in Molenhoek. Ik verheug me d'r waanzinnig op, vooral vanwege de ouwerwetse gezelligheid. Witte kleedjes, foute verlichting, skai-beklede stoelen en obers in slechtzittende zwarte pakken en met zwarte strikjes. En met appelmoes natuurlijk, appelmoes met een kers!
U begrijpt al wie die ome Gerrit is, hoop ik? Juist, Van der Valk, het culinaire ijkpunt van gansch Nederland, althans in de jaren vlak na de oorlog (nee, WO II, niet de Golfoorlog). Waarbij ik uitga van ervaringen van jaahaaren her, dus 't kan best zijn dat ik vanavond enorm op mijn neus ga kijken: alles spic en span in modern design gehuld, mooi gedempte verlichting, eten helemaal Nigella Lawson up-to-date en vooral, géén appelmoes. Die gezelligheid blijft natuurlijk op het oude vertrouwde peil en staat ook behoorlijk los van wat ome Gerrit te bieden heeft, maar voor wat de rest betreft: u hoort het nog wel van deze culinair correspondent.


Naschrift 27 december 21:40 uur:
Ik had gelijk. Het was erg gezellig, dankzij de aanwezigheid van de anderen en ondanks de appelmoes mét kers.

vrijdag 25 december 2009

Henk Turner

Het Volkskrant magazine bevatte - heerlijk voorspelbaar - een overzicht van belangrijke gebeurtenissen in 2009. Met de állerbelangrijkste dode van 2009 natuurlijk groot op het omslag: Martin Bril. Ja, gerechtigheid moet er zijn: de Wibautstraat als centrum van het universum.

Binnenin stonden ándere Grote Doden van dit afgelopen jaar, waaronder Henk van Ulsen. Nooit veel mee gehad, met die Van Ulsen, maar goed, groot was-ie. Niet in het echt, zoals ik ook december vorig jaar live mocht vaststellen. E-flor en ik waren naar Zwolle, naar museum De Fundatie, just for fun wilde ik bijna zeggen, maar geen flauwekul: het was voor een overzichtstentoonstelling van Paul Citroen. Die viel een beetje tegen: de late tekeningen - zijn bekendste werk - zijn prachtig, maar de rest van zijn oeuvre is een staalmap van stromingen en invloeden, met af en toe een hoogtepunt, zoals een olieverfportret van Estella Reed.

Maar de grote verrassing was de rest van het museum: wat een prachtige collectie! Zeer uiteenlopend, door alle tijden en stijlen heen en dus vol onverwachte ontmoetingen. Met als gevolg dat ik nietsvermoedend een klein zijzaaltje inwandelde om vrijwel onmiddellijk weer de gang op te stuiteren, op zoek naar E-flor. Die stond een paar meter verderop naar iets te kijken en ik riep haar - achteraf gezien iets te enthousiast en luid (en iets te "kijk-mij-eens-kenner-zijn") - toe: "D'r hangt hier een TURNER!!"

Precies op dat moment kruiste iemand mijn pad, een kleine man met een kleurig kalotje. Hij draaide zich even half naar me om, keek me met een geamuseerd-spottend lachje aan en zei: "Ja, mooi hè?" en was verdwenen. Voor de tweede maal in één minuut verbluft bleef ik staan. Het was Henk van Ulsen.

Van mij had hij op het omslag gemogen.

woensdag 23 december 2009

And the winner is....


Goed, mooi, prima, een hele week vakantie voor me. Dat is zo'n zeventig uur lezen, maal 20 pagina's per uur, dat is een boek van 1400 pagina's. Oorlog en vrede? Of De broers Karamazov én Misdaad en straf?Of.... stop! We pakken geen boek, we pakken een leeg vel papier, een leeg scherm bedoel ik en gaan schrijven, schrijven, schrijven!!!

maandag 21 december 2009

Stilte

Vandaag ben ik naar de uitvaart geweest van een collega, Jan. Jan was een prima kerel, een essentieel goed mens, met af en toe een onverwacht pesterig gevoel voor humor, wat zijn eigenlijke zachtaardigheid alleen maar beter deed uitkomen. Dat was ook te merken aan de grote opkomst. In de ontvangstruimte van het uitvaartcentrum stonden zo'n honderdvijftig mensen te wachten tot ze in de grote aula konden plaatsnemen.
Zoals gebruikelijk was het een druk geroezemoes van mensen die elkaar al een tijd niet meer gezien hadden, die herinneringen aan de overledene wilden delen, de barre tocht door de sneeuw naar hier bespraken, of gewoon heel andere dingen bespraken dan op een uitvaart gepast lijken. Om even voor half elf - het tijdstip van het betreden van de aula - ging er een tamelijk onopvallend lampje aan bij een tamelijk onopvallend bordje 'Stilte'. De zaal deed er geruime tijd over om werkelijk stil te worden en na al het geroezemoes deed die stilte kunstmatig en ook een beetje beklemmend aan. Alsof we ons nu pas realiseerden waar we voor kwamen. Iedereen draaide zich automatisch een beetje meer naar de toegangsdeur, maar voorlopig gebeurde er niets.
De stilte werd dieper. Door een paar grote ramen aan onze rechterkant was een soort binnentuin te zien, met een deur die toegang gaf tot dat deel van het uitvaartcentrum waar de naaste familie zich bevond. Nu gebeurde er iets wat alleen maar kan worden geclassificeerd als een van die milde absurditeiten die het leven soms kenmerken. De deur naar de binnentuin ging open en een van de familieleden kwam naar buiten, een blonde, gezette vrouw. Even buiten de deur bleef ze staan, duidelijk zichtbaar in het witte licht buiten voor iedereen in de halfduistere zaal. Ze haalde een pakje sigaretten tevoorschijn en stak een sigaret op. Het was bijna half elf en zij stak op haar gemak een sigaret op. Hoe lang doe je over een sigaret, dacht ik nog snel. En plotseling was de absurditeit van dit hele beeld helder: wij stonden daar in die zaal met z'n honderdvijftigen doodstil te wachten en te wachten, omdat deze mevrouw tegen de uitvaartbegeleidster had gezegd: nog even een sigaretje. En honderdvijftig mensen stonden nu steels te kijken naar die ene vrouw die haar sigaretje rookte, terwijl de klok voorttikte en iets over half elf aangaf, en zonder dat zij ook maar één keer naar ons keek, alsof ze zich volkomen onbewust was van onze aanwezigheid. Misschien waren we voor haar wel nagenoeg onzichtbaar, maar het zag er eerder naar uit dat haar hele wereld even niet groter was dan een sigaret. Honderdvijftig mensen hielden hun adem in en de honderdeenenvijftigste blies haar rook langzaam uit.
Na twee, drie minuten keek ze peinzend naar haar sigaret en wierp hem met het traagste gebaar ooit waargenomen in de sneeuw en ging naar binnen. Als bij toverslag openden zich de deuren van de aula. Even gebeurde er niets: we hadden allemaal een paar seconden nodig om ons te realiseren waar we ook weer voor waren gekomen. Voor Jan, die bij mijn weten nooit heeft gerookt. Het zou hem een pesterige opmerking hebben ontlokt. Rust zacht, Jan.

zaterdag 19 december 2009

Moderne fabel

Een begenadigd classicus raakte na zijn studie in de jungle van het interim-management verstrikt en wist zich jarenlang te handhaven, totdat de valstrikken van deze schijnwereld ook hem tot slachtoffer maakten en hij de laan uitvloog. Zijn wraak was briljant. Hij richtte een adviesbureau op en liet zijn voormalige collegae testen op hun vermogen om goede, creatieve oplossingen te bedenken voor uiteenlopende situaties, die telkens - zo benadrukte hij - twee dingen gemeen hadden: ze waren aan de werkelijkheid ontleent en ze waren schijnbaar uitzichtloos. Zijn cliënten werkten hun plannen uit en leverden die trots in.

Vervolgens bleek dat de klassiek geschoolde adviseur zijn voorbeelden had ontleend aan de wereld van de Romeinen: de problemen die hij schetste waren historische gebeurtenissen geweest, waarbij in vrijwel alle gevallen hele simpele, maar buitengewoon inventieve maatregelen een ontsporing hadden weten te voorkomen. Geen van de oplossingen van zijn cliënten kwam ook maar in de buurt van deze reddende maatregelen. Sterker nog, indien ze waren toegepast, zou het Romeinse Rijk, in de woorden van de classicus in quaestie, 'naar schatting al rond het begin van onze jaartelling ten onder zijn gegaan'. Sic transit gloria mundi.

vrijdag 18 december 2009

Lezen als een ongedisciplineerde hond

Een gewaardeerde collega nam deze week afscheid. Hij had een flinke verlanglijst neergelegd, voor het geval iemand hem iets wilde geven. Dat kwam goed.
Een van de schrijvers op zijn lijst was Alberto Manguel. Niet verwonderlijk, want de scheidende collega heeft reeds een hele bibliotheek met boeken over boeken en bibliotheken, en Manguel is een van de belangrijkste hedendaagse auteurs als het gaat om lezen, boeken, boeken verzamelen en privé-bibliotheken. We deden de collega een diner en de Nederlandse vertaling van The Library at Night (2006) cadeau, een boek waarin Manguel, Argentijn van geboorte en dus de grote/onleesbare Borges zeer na, de vraag tracht te beantwoorden waarom we al die boeken oftewel flarden informatie om ons heen verzamelen. Het zal een poging zijn om de waarheid te achterhalen of zin en betekenis te geven aan de wereld om ons heen, maar we weten donders goed dat de wereld zin geven en orde scheppen in de chaos onbegonnen werk is.

Ik deed mezelf het Engelse origineel cadeau. Mooi, zult u zeggen. En, hoe was 't? Maar: ik heb nog vrijwel niets van het boek gelezen ("'Ik ben al aardig ver', zei hij, en trok het cellofaan van het boek."). Dit is geen recensie van Manguels boek dus, in welke omvang dan ook. En dat is aan Alberto zelf te wijten, want het eerste substantiële stukje tekst dat ik in zijn boek las, was een citaat dat mij door z'n herkenbaarheid en openhartigheid zodanig van mijn stuk bracht dat ik het hier met bewondering en instemming moet citeren:
This roving humour (though not with like success) I have ever had, and like a ranging spaniel, that barks at every bird he sees, leaving his game, I have followed all, saving that which I should, and may justly complain, and truly (for who is everywhere is nowhere), that I have read many books, but to little purpose, for want of good method; I have confusedly tumbled over divers authors in our libraries, with small profit, for want of art, order, memory, judgment.
Voor de goede waardering van de geciteerde tekst moet u bedenken dat de woorden gesproken worden door ene 'Democritus junior', in een voorwoord 'tot den lezer' bij een enorme pil barstensvol intellectuele vitamines en dat de werkelijke schrijver zich daarmee ironisch verschuilt achter een personage, de zoon van de 'lachende filosoof', dat hij minder geestkracht toedicht dan waar hij zelf over beschikt. De rest van zijn boek is namelijk één groot vertoon van belezenheid, vol uitweidingen, grappig en geleerd dooreen, en het heeft terecht een onaantastbare status (zij het een status aparte) gekregen in de Engelse letterkunde: Robert Burtons Anatomy of Melancholy. De eerste druk verscheen in 1621: er volgden vele door de auteur herziene en uitgebreide uitgaven, de laatste (postuum uitgegeven) in 1651.
Of de hoofdtekst van het befaamde boek de ironische boodschap ontzenuwt door wel degelijk een eenheid te laten zien, valt te betwijfelen. Wel is zeker dat Burtons breed uitwaaierende vertoon van een schijn van samenhang vanaf het eind van de 18e eeuw generaties lang geïmponeerd heeft.

Ik neem het citaat (nagenoeg) serieus. Niet erg vleiend om jezelf in dit citaat te herkennen, en helemaal terecht is dat ook niet, maar ik wil me nu eens een keer niet gevatter en samenhangender voordoen dan normaal. Zo voel ik het als ik terugkijk op mijn verleden als lezer van de vele boeken in mijn bibliotheek: waar is de grote lijn, wat was het vastomlijnde doel? Ik ben er, denk ik, niet slechter van geworden, maar hoeveel beter had het niet kunnen zijn als ik mijn kennis had aangewend voor dat ene doel, die ultieme zelfbeschaving?...

Of bijt die opvatting zichzelf in de staart? Is het een illusie (de zoveelste) en krijgen Manguel en Borges en misschien ook Burton toch gelijk als ze moeten bekennen dat er geen orde te scheppen valt? En dat er dus ook (vrijwel) geen lezer is - en zeker niet van een gemiddeld niveau - die terugblikkend kan zeggen dat hij aardig gevorderd is op zijn of haar weg naar kennis van dat Ene, waarop hij of zij al zijn energie gericht heeft?

Ondertussen blijf ik doorgaan met het lezen als een 'ranging spaniel', ondanks zelfbedachte 'projecten' als Shakespeare, de Eerste Wereldoorlog, en alle Grote Onomstotelijke Meesterwerken der Wereldliteratuur.
En Manguel natuurlijk. De kop is eraf...

donderdag 17 december 2009

Beperkingen

Overal sneeuw. Niet zeuren. Ik vind het prachtig. Net als een schilderij van Piet Ouborg (Tekens, 1947) dat ik zag in de Volkskrant van vandaag. Het hangt in het Cobramuseum in Amstelveen voor een tentoonstelling van deze 'bekende' kunstenaar. Ik had er nog nooit van gehoord, maar voor dit ene schilderij rij ik om als ik naar Amsterdam moet.
Van de schoonheid van sneeuw en schilderij kan ik helaas niets laten zien, want het het eerste ziet u ook en het tweede mag niet uit de online krant gekopieerd worden. 't Is dat ik nu niet genoeg tijd heb, anders zocht ik net zo lang tot Ouborg tóch in beeld kwam. Houdt u van me tegoed. En op die sneeuw vind ik ook wat!


Naschrift 19 december:
Ja zeg, nou bleek het toch te kunnen! Stiekem stond Ouborgs schilderij al twee dagen lang te prijken in mijn afbeeldingenmap. Afijn, ik blij en u hopelijk ook, al is het maar omdat knagende nieuwsgierigheid tevreden is gesteld....





















...en deze sneeuwfoto met de pootjes van mijn kat (Pooky, inmiddels 16,5 jaar, dank u) heeft niemand anders. 't Is een oplossing, zo'n persoonlijke handtekening van je huisdier...

woensdag 16 december 2009

Verkocht


Een oud boerderijtje op de grens van Brabant en Limburg is vandaag verkocht. Met een aardige lap grond erbij. Als je nu gaat kijken hoe het eruit ziet, schrik je je rot. Ik niet, want ik zie het met ogen van twintig, dertig jaar geleden. Dan straalt het in de zon, de boerderij witgeverfd, met groene ramen en rode dakpannen, het omliggende terrein gladgemaaid en frisgroen, met een pasgeteerde houten schuur en een weelderige bosrand op de achtergrond. Op het gras spelen kinderen, waaronder die van mij. Een idylle, zo wordt al het gewaardeerde verleden, een zonovergoten idylle.
Het is al jaren niet meer in gebruik geweest, althans niet meer op de manier van twintig, dertig jaar geleden. Dat heeft veel met opgroeiende en volwassen wordende kinderen te maken. En ook met een paar harde rukken die het lot aan ieders leven geeft. Langzaam wen je eraan dat een mooi (herinnerd) verleden wegglijdt. Er komen andere dingen voor in de plaats, waarvan je vurig hoopt dat je ze ooit, over tien, twintig, dertig jaar, ook tot een idylle mag maken.
Voor nu kijk ik nog één keer over het toegangshek aan de zijkant van de boerderij en zie ons allemaal een voor een uit de groene staldeur komen. Het is het begin van de avond. Niemand kijkt naar opzij, iedereen kijkt verwachtingsvol naar voren, naar buiten, naar het grasveld dat zich voor hen uitstrekt, gelokt door het vreugdevuur dat is ontstoken (toestemming van de lokale brandweer was toen nog niet nodig). Van waar ik sta kan ik het vuur niet zien, maar ik weet dat nu iedereen er naar staat te kijken, zwijgend en gefascineerd door de vlammen.

tekening: Eefje

dinsdag 15 december 2009

Ga niet weg


Margaret Mazzantini's roman Ga niet weg is een merkwaardig geval. Het is een recente Italiaanse roman (2001) en dus moest ik vergelijken met een andere recente Italiaanse roman, Ammaniti's Ik haal je op, ik neem je mee. Zinloos: er is bijna geen groter contrast denkbaar tussen die laatstgenoemde roman, een brutale, harde, opgepepte, bijna wrede roman, en Mazzantini's boek, dat melancholisch, poëtisch, metaforisch en soms ook melodramatisch en aanstellerig is, maar dat ijzersterk eindigt en het uiteindelijk in ontroering en zeggingskracht wint van het veel eigentijdsere boek van Ammaniti.
Er is wel een overeenkomstige grondhouding: een soort compromisloos streven naar het weergeven van de naakte en niet altijd even fijnzinnige waarheid, maar daar houdt alle vergelijking op. Ga niet weg is het verhaal van een Italiaanse chirurg die zijn vijftienjarige dochter Angela na een ernstig ongeval op de operatietafel van een collega ziet belanden. Het hele boek is een innerlijke monoloog die Timoteo, de chirurg en vader, afsteekt tegen zijn dochter als die tussen leven en dood zweeft.
Hij vertelt haar in detail de gebeurtenissen van zijn eigen leven vlak voor ze geboren werd tot aan enkele uren na haar geboorte. Dat verhaal is het verhaal van zijn onwaarschijnlijke, bizarre, maar onblusbare liefde voor een verlopen hoertje, Italia genaamd. Die naam is al even onwaarschijnlijk en bizar, maar het verhaal overtuigt. Niet dat het voortdurend boeit: het boek heeft zijn longueurs en Mazzantini grossiert in poëtische krullentrekkerij, waardoor ik iets over de helft de moed wat kwijtraakte, om de laatste 50 bladzijden zo overdonderend terug te komen en alles op zijn plaats te laten vallen, dat je als lezer naar adem snakt. De episode van Timoteo's rit in de lijkwagen zou het als losstaand kort verhaal heel goed doen en met gemak in een moderne top vijftig van Europese verhalen kunnen figureren.
Margaret Mazzantini, Ga niet weg, Amsterdam: Wereldbibliotheek, 2003 (vertaling Henrieke Herber)

maandag 16 november 2009

Writer's Blog, eh, Block

Sinds 9/11 heb ik niets meer geschreven.
Weer een bewijs voor verborgen manipulatie (stelling: wij leven niet ons eigen leven, maar een leven dat ons van bovenaf wordt opgelegd).
Zelfs mijn writer's block wordt door de Amerikaanse overheden gestuurd!!

vrijdag 11 september 2009

Geen dank!

Ja hoor, het staat hieronder: een nieuwe "gadget" Get Clicky. Ik kan nu zien wie mij allemaal aan het bekijken zijn. Wat ik daar dan weer mee moet?

Ik ben nu bezig met het ontwikkelen van een eigen, nieuwe gadget: Get Normal. Best ingewikkeld om te maken, maar als het door de testfase komt, kun je 't ding onderaan of bovenaan je pagina zetten en als er dan op geklikt wordt, verdwijnen alle 2.0.-toepassingen van je computer. 't Is een enorm werk, maar ik heb nu eenmaal alles over voor de geestelijke gezondheid van mijn medemens!!

vrijdag 28 augustus 2009

Aandachttrekker Albert

Onder de kop "Buurt is schizofreen Albert meer dan beu" stond afgelopen donderdag een smeuïg artikel in de Volkskrant. Albert, zo liet de verslaggever ons weten, "rent soms naakt over straat, dan weer zwaait hij met zwaarden. Het is net te weinig om hem uit huis te zetten." Het gaat namelijk alleen mis als Albert "vergeet" zijn medicijnen in te nemen. En zonder medicatie "gaat Albert zeer ongewenst gedrag vertonen." In het artikel wordt dat verder uit de doeken gedaan, een vreselijk verhaal, maar ik bleef steken bij één zin:

"Ook trok Albert de aandacht door met een getrokken zwaard achter buurtkinderen aan te hollen."

Trok de aandacht?? Wat is dat voor formulering?
Ik zie Albert, al dan niet in z'n "blote kont" (ik citeer!) over straat rennen, achter een paar in doodsangst wegrennende kinderen, en dan aan de kant een paar buurtbewoners , al dan niet in onderhemd, rustig paffend (het is buiten!) het tafereel gade slaand, of de ander aanstotend "Hé, moe je daar 's kijke", alles op kalme toon en met de lome oogopslag van VN-waarnemers, die weten dat ingrijpen toch nergens toe leidt en trouwens ook niet mag.
Kijk, dat trok nou mijn aandacht.

donderdag 20 augustus 2009

Ik wil hier weer even een lans breken voor een tamelijk onbekende Amerikaanse schrijver. Als hij al bekend is, is dat vanwege zijn tegendraadse woordenboek, The Devil's Dictionary, waarin hij cynische (of realistische, 't is maar waar je in 't leven staat) verklaringen geeft van bekende begrippen, bijvoorbeeld

"ABSTAINER, n. , A weak person who yields to the temptation of denying himself a pleasure. A total abstainer is one who abstains from everything but abstention, and especially from inactivity in the affairs of others."

Maar als je jezelf nog nooit getracteerd hebt op verhalen als 'An occurence at Owl Creek Bridge' of 'One of the missing' of 'The coup de grâce' of 'Oil of dog', dan is dat heel jammer. De verhalen in de oorspronkelijke taal zijn gemakkelijk beschikbaar via internet, de vertalingen iets moeilijker (de laatste volledige vertaling van de verhalen stamt uit 1989). Daar moet ik misschien zelf iets aan doen door op deze plaats een eigen vertaling te plaatsen?...

En dan, ach ja, natuurlijk, wie bedoel ik? Onder de goede inzenders wordt een fles azijn verloot!

woensdag 19 augustus 2009

Aldo van Eyckpaviljoen

Je moet er een allejezus end voor lopen - in een beeldentuin verwacht je toch om de vijftig of honderd meter een object van artistieke waarde - maar het is de moeite waard. Helemaal achterin de beeldentuin van het Kröller-Müller Museum wordt de bezoeker of bezoekeres verrast door een prachtig paviljoen van Aldo van Eyck. Daarin staan een dertigtal beeldhouwwerken ("Houwt u ook zo van beeldhouden?") van de meest uiteenlopende kunstenaars, waaronder een schitterende buste van James Ensor door Rik Wouters. Bijgaande foto geeft een goede impressie, met de aantekening dat het paviljoen - uit grijze betonsteen opgebouwd - wel heel veel baat heeft bij uitbundig zonlicht. Dat laatste gold overigens ook voor ons bezoekers.


zondag 9 augustus 2009

Motto

Beeld van Jan Pieterszoon Coen aan de Beurs van Berlage , Amsterdam
"Dispereert niet". Mooi motto, want als we er niet hard voor werken en inderdaad niet wanhopen, wordt 't niet veel hier in dit tranendal. Jan Pieterszoon Coen - die deze gedenkwaardige woorden uitsprak - wist dat ook en sloeg zijn slag. Niet gehinderd door andere scrupules dan dat God de Heer gehoorzaamd moest worden dreef hij zijn superieuren en ondergeschikten... juist: tot wanhoop.


donderdag 6 augustus 2009

Soestdijk

Paleis Soestdijk is de volmaakte illustratie van de kneuterigheid en de nuchtere trots van ons koningshuis onder Juliana. De oorspronkelijke kleine zomerresidentie van 1680 werd in de negentiende eeuw uitgebreid tot het paleis dat we nu kennen en Juliana voegde er nog wat kleine uitstulpingen aan toe. De eenheid werd bewaard door het hele gebouw wit te stucen en binnen werd het interieur her en der aan de eisen van de tijd aangepast.
Vooral die aanpassingen onder beide laatste bewoners zijn opvallend in hun anti-majesteitelijkheid: wat een enorme jaren vijftig-sfeer! De werkkamers van Juliana en Berhard zien eruit als Ikeatoonzaaltjes avant la lettre. Niks opsmuk of ongewoons of groot of groots. Mijn eigen werkkamer ziet er interessanter uit (ook veel Ikea trouwens). En de kamer waar het 'koongkluk' gezinnetje ontbeet en lunchte! Een gruwel om te zien met die lullige tafel en idem stoeltjes. Enerzijds een mooi uitzicht op het park, dat wel, maar de wand daar tegenover wordt ontsierd door een Antilliaans broddelwerk van 4 bij 2,5 meter. Juliana deed zich graag 'gewoon' voor, wat haar overigens vaker wel dan niet sierde. Maar hier is haar streven naar soberheid en nuchterheid en gewoonheid uitgemond in een onverdraaglijk soort bourgeoismentaliteit, zonder maar een hint van allure. Tekenend is dat zij de ontvangstkamer - door Anna Paulowna ingericht en waarlijk groots - afschuwelijk vond, maar hem niet wilde veranderen, want 'dat was wel erg duur'....

Maar goed, Soestdijk is geen museum en de openstelling is vooral bedoeld voor mensen die een glimp van Juliana en Bernhard achter de schermen willen opvangen. Oftwel: hoe een koninklijke familie als een gewoon echtpaar en gezin woonde en werkte, omringd door extravaganties als het 1200-delige servies van koningin Sophie zonder zich daar in het minst door te laten inspireren. Ik aarzelde tussen bewondering en verguizing en kom nu uit op een een peinzend 'interessant'.

vrijdag 17 juli 2009

Lourdes

Op de vlucht voor het al te warme weer in de Ardèche (op één parkeerplaats werd 42 graden gemeten...), kozen we voor de Pyreneeën in de hoop op verkoeling. Die kregen we meer dan we gevraagd hadden. Even voorbij Toulouse trok de hemel genadeloos dicht en verdonkerde angstwekkend, om vlak voor de afslag naar Lourdes te ontaarden in een waar noodweer met slagregens en naar verhouding Siberische temperaturen. Wanhopig speurden we naar lichtere vlekken in het wolkendek of aan de einder (voor zover die te onderscheiden was), maar uiteindelijk strandden we in Argelès-Cazost. In een hotel met de tamelijk fantasieloze naam Hotel des Pyrenées. Toen wijzelf warm geworden waren en de machteloze woede bekoeld was, klaarde het zowaar op. We konden op het overdekte terras eten. Met uitzicht op negentig geparkeerde (of gestrande?) autos.
De volgende dag ontbeten we in het gezellige benedenzaaltje (zie foto)
en vertrokken we vroeg naar het oostelijker gelegen deel van de Pyreneeën: het weer zou daar beter zijn. Maar eerst moesten we weer langs Lourdes. De grauwsluier van de vorige dag hing er weer. Het regende gestaag. Van opklaringen geen spoor.

En zo zagen we tot tweemaal toe vanuit de verte een in nevelen gehuld Lourdes, en zonder ook maar een glimp van het bedevaartgedeelte te kunnen opvangen. Maria, Sterre der Zee, Moeder van Eeuwigdurende Bijstand, liet Gods water over haar eigenste akker lopen en schonk daarbij geen Troost, zelfs geen bakkie, maar dat laatste was niet echt erg, want de koffie is in Frankrijk vrijwel nergens te genieten. Ze zal het ons wel niet gegund hebben, wat ik niet goed begrijp, want ik had het mooi-katholieke boek Lourdes en de massa in mijn handbagage. Van genezing of beterschap na thuiskomst - vaak genoeg vermeld in de verhalen van bedevaartgangers die vergeefs leken te zijn afgereisd naar Maria's dependance op aarde - was ook al geen sprake: ik bracht mijn eerste werkweek ziek thuis in bed door. Ook Maria's wegen zijn ondoorgrondelijk....

maandag 13 juli 2009

Even bijtanken


In het heerlijk ingedutte stadje Paulhaguet in de Auvergne heeft een locale ondernemer in een onverwachte aanval van hyperactiviteit twee oude, tamelijk ver uiteen liggende commerciële ideetjes tegelijkertijd weten te realiseren...

zondag 12 juli 2009

Verschijning


Vlakbij Prades (oostelijke Pyreneeën) verscheen mij geen Maria, maar wel een heilige. Goddank (!) had ik - in tegenstelling tot Bernadette - een camera bij me...

Rupsje nooitgenoeg?


Aangetroffen op 1062 meter hoogte in de Catalaanse Pyreneeën. Een dikke (!) 8 cm lang en onverstoorbaar.

Dankzij een inventieve website www.vlindernet.nl, waarbinnen zich onder andere een heus rupsenzoeksysteem bevindt, kan ik melden dat het hier gaat om de rups van de wolfsmelkpijlstaart (hyles euphorbiae). Dankzij diezelfde site weet ik nu ook dat de stekel op het achterlijf zit en niet op z'n kop, zoals E-Flor en ik dachten... Teleurstellend is verder ook dat uit dit magnifieke kleurige beest uiteindelijk niet meer dan dit ontstaat:

maandag 15 juni 2009

Zomerreces

Dearest reader,

Zo is er voor jullie ook niet veel aan. Tenzij jullie een RSSfeed op mijn blog hebben, zullen jullie het inmiddels al wel opgegeven hebben nóg eens te surfen naar L.S., om te ontdekken dat er wéér niks op staat #!!%&**!$##!

Ik kondig dus nu gewoon een zomerreces af. Ik ben er niet oftewel: ik ben weer even gewoon 1.0, wat wil zeggen dat ik aan het lezen ben. Die lijstjes wereldliteratuur hebben als laxeermiddel gewerkt! Alice's Adventures in Wonderland inmiddels gelezen en verveeld dichtgeklapt ("Wat!!?" Ja, inderdaad, lezer, vervééld dichtgeklapt), Blumenfelds Spiegelbeeld ligt klaar, Het Martyrium van Canetti ook en zo nog wat van die schijnbaar achteloos rondslingerende must-have-reads. Eind juni rijden E-Flor en ik richting Lourdes om een kaarsje voor jullie allen te branden en dan zijn we - Deo volente - midden juli weer terug. Wat er dan te gebeuren staat: Joost mag het weten (waarom staat Vondel trouwens niet in de lijsten wereldliteratuur!!?)...

Lees veel, leer nog meer en leef het allermeest, "you! Hypocrite lecteur - mon semblable, - mon frère!"....

vrijdag 5 juni 2009

Cees!!

Een mens zou er toch moordlustig van worden! Nou heeft die reeds teveelgeprezen literaire 'flapdrol' Nooteboom nog een gigantische veer in z'n dinges erbij gekregen! De Prijs der Nederlandsche Letteren, nota bene. Prestigieuzer dan prestigieus, of in het geval van C.N. pretentieuzer dan pretentieus. Ziet dan niemand dat hier opnieuw een prijs wordt toegekend omdat hem al eerder een 'hoge prijs' werd toegekend? Waar is hier de maat der dingen?

Afijn, ik neem even een pilletje (niet van Drion, hoor) en dan gaat straks alles weer goed. En vanavond helemaal als ik de Nederlandsche Letteren van me afschud en mij aan de herlezing van Disgrace zet. Coetzee als tegengif. Er is nog hoop, ook al is het door het lezen van deze superieure literatuur der wanhoop.

EuroPVV

Ik kan bijna niet wachten op de zelfvoldane presentatie van de stoet stoethaspels, omhooggevallen huizenmakelaars, gefrustreerde beveiligingsbeambtes, shagrokende anti-intellectuelen, rozeoverhemddragende patjepeeërs, Berlusconiminnende tv-presentatrices en andere anti-Europeanen waar meneer Wilders mee is komen aankakken om zijn vier zetels in het Europees parlement mee op te vullen.

'Nederland ontwaakt!' Inderdaad, en de aanhang van Wilders zal hopelijk het hardst wakker schrikken.

dinsdag 19 mei 2009

mobiel bloggen, videobloggen, fotobloggen





Ja zeg, wat krijgen we nou??!! "Mobiel bloggen", "videobloggen", "fotobloggen"???


Ja, ja, is dat zo gek dan? Ik ben nog niet bejaard, hoor! Ik ga graag met de tijd mee!

En wat is dat dan?!


Als je nou eerst die smerige uitdrukking van je gezicht haalt, dan zal ik het zeggen, oké?

Hm.


Ik heb een nieuwe mobiele telefoon gekocht en daar kan ik foto's en video's en berichten direct mee naar mijn eigen blog versturen. Gewoon een paar toetsen indrukken et voilà!

Et voilà, wat? Wat is dit voor filmpje, man?! Ga je artistiek doen?

Ja, nou ja, ik had natuurlijk zelf nog niks aan foto's of filmpjes, dus toen dacht ik...

Toen dacht je, ik stuur die rommel van de telefoon maar eens op. Kunnen ze daar lekker 11 seconden naar gaan zitten koekeloeren. Alsof we niks beters te doen hebben!


Ja maar...

Als je iets echts te melden hebt, dan kijk ik wel weer eens verder, maar voor nu: tabé!

zaterdag 16 mei 2009

Nog een Top 100

Na de recente blogberichten van Tenaanval en Festina Lente en de vele reacties op hun bijdragen, doe ik nog een duit in het zakje, uiteraard uit de Oude Doos (Bijenkorf, 1984), maar het gaat om Literatuur van Eeuwigdurende Bijstand, dus wat maakt die paar jaar uit (zie de opmerkingen onderaan de lijst). Kortom, alweer een Verplichte Leeslijst erbij!

DE LITERAIRE TOP 100 ALLERTIJDEN

1. Sprookjes - H.C. Andersen
2. Emma - Jane Austen
3. Verhalen - Isaac Babel
4. Vader Goriot - Honoré de Balzac *
5. Opperlandse taal- & letterkunde - Battus
6. De avonturen van Augie March - Saul Bellow
7. Spiegelbeeld - Erwin Blumenfeld
8. Decamerone - Boccaccio * (maar nog niet uit)
9. Biljarten om half tien - Heinrich Böll
10. Kapellekensbaan / Zomer te Ter-Muren - Louis-Paul Boon
11. Blokken / Knorrende beesten / Bint - F. Bordewijk *
12. De Aleph - Jorge Luis Borges *
13. Woeste hoogten - Emily Bronte *
14. Bezonken rood - Jeroen Brouwers *
15. Onzichtbare steden - Italo Calvino *
16. De pest - Albert Camus *
17. Het Martyrium - Elias Canetti
18. Andere stemmen, andere kamers - Truman Capote
19. Alice in Wonderland -Lewis Carroll
20. Dood op krediet - Louis-Ferdinand Céline *
21. Don Quichot - Cervantes
22. Het verdriet van België - Hugo Claus
23. Hart der duisternis - Joseph Conrad *
24. Rayuela: een hinkelspel - Julio Cortazar
25. De boeken der kleine zielen - Louis Couperus
26. Ik Jan Cremer - Jan Cremer
27. De goddelijke komedie - Dante Alighieri * (alleen De hel)
28. Robinson Crusoë - Daniel Defoe *
29. David Copperfield - Charles Dickens *
30. Berlijn Alexanderplatz - Alfred Döblin
31. Misdaad en straf - F.M. Dostojewski *
32. De naam van de roos - Umberto Eco
33. Van de koele meren des doods - Frederik van Eeden *
34. Lijmen / Het been - Wilem Elsschot *
35. Een nagelaten bekentenis - Marcellus Emants *
36. Madame Bovary - Gustave Flaubert *
37. Effi Briest - Theodor Fontane
38. Het achterhuis - Anne Frank
39. Het lijden van de jonge Werther - Johann Wolfgang Goethe *
40. Dode zielen - Nikolaj Gogol
41. Heer der vliegen - William Golding *
42. Oblomow - I.A. Gontsjarow
43. De bot - Gunter Grass
44. Dat hebben we gehad - Robert Graves
45. De rode letter - Nathaniel Hawthorne *
46. De brave soldaat Svejk - Jaroslav Hasek * (nog niet helemaal uit)
47. Voor wie de klok luidt - Ernest Hemingway
48. De donkere kamer van Damocles - Willem Frederik Hermans *
49. Ilias & Odyssee - Homerus *
50. Dood weermiddel - F.B. Hotz *
51. Heerlijke nieuwe wereld - Aldous Huxley *
52. Wat Maisie wist - Henry James
53. Opwaaiende zomerjurken - Oek de Jong
54. Ulysses - James Joyce
55. Het proces - Franz Kafka
56. Duizend kraanvogels - Yasunari Kawabata
57. De geverfde vogel - Jerzy Kosinski *
58. Gevaarlijk spel met de liefde - Choderlos de Laclos *
59. Zonen en minnaars - D.H. Lawrence
60. Lichtzinnige herinneringen - Paul Léautaud
61. De fikser - Bernard Malamud
62. Alleen op de wereld - Hector Malot * (waarschijnlijk een bekorte versie)
63. De Toverberg - Thomas Mann *
64. Honderd jaar eenzaamheid - Gabriel Garcia Marquez *
65. Moby Dick - Herman Melville
66. Winnie de Poeh - A.A. Milne
67. De aanslag - Harry Mulisch *
68. Max Havelaar - Multatuli *
69. Geheugen spreek - Vladimir Nabokov
70. De uitvreter / Titaantjes /Dichtertje - Nescio *
71. Rituelen - Cees Nooteboom
72. De boerderij der dieren - George Orwell *
73. Het rusteloze graf - Palinurus *
74. Dokter Zjivago - Boris Pasternak
75. Verhalen - Edgar Allan Poe *
76. De nacht der Girondijnen - J. Presser
77. Op zoek naar de verloren tijd - Marcel Proust
78. Stijloefeningen - Raymond Queneau *
79. De avonden - Gerard Reve *
80. Portnoy's klacht - Philip Roth *
81. Alle verhalen - Saki *
82. De vanger in het koren - J.D. Salinger
83. Walging - Jean-Paul Sartre
84. Rood en zwart - Stendhal *
85. Sentimentele reis - Laurence Sterne *
86. Bekentenissen van Zeno - Italo Svevo *
87. Gullivers reizen - Jonathan Swift *
88. Kees de jongen - Theo Thijssen
89. Vaders en zonen - Iwan S. Toergenjew
90. Anna Karenina - Leo N. Tolstoj
91. Vijftien beroemde verhalen - Anton Tsjechow *
92. Huckleberry Finn - Mark Twain
93. De koperen tuin - Simon Vestdijk
94. Candide - Voltaire *
95. Arthur, koning voor eens en altijd - Terence H. White
96. Het portret van Dorian Gray - Oscar Wilde *
97. Terug naar Oegstgeest - Jan Wolkers
98. Naar de vuurtoren - Virginia Woolf
99. Hadrianus' Gedenkschriften - Marguerite Yourcenar *
100. De Bijbel

Deze lijst werd samengesteld ter gelegenheid van de literatuur-promotie van de Bijenkorf en de Boekenweek in 1984. Maarten Biesheuvel, Cees Buddingh', Kees Fens, Maarten 't Hart, Jaap Goedegebuure, Hella S. Haasse, Doesjka Meijsing, Carel Peeters, Ethel Portnoy, Martin Ros en Nico Scheepmaker droegen hun eigen(wijze) lijsten bij, die de basis vormden voor bovenstaande opsomming.

Met * is: gelezen, maar daar mag de helft weer van weg, omdat daarvoor geldt dat ik vrijwel alles van het boek vergeten ben...

Veel klassieken ontbreken: Ovidius, Herodotus, Vergilius, of latere klassiekers als Coetzee (inderdaad!); enkele modieuzen zijn zichtbaar geworden: Battus, Oek de Jong, Eco; enkele schrijvers staan er met andere titels op dan verwacht (Céline, Nabokov, Sterne, Goethe) en er zijn enkele bijzondere schrijvers (Palinurus: een subliem boek! Queneau en Saki (een van de allerbeste verhalenschrijvers uit de Engelse letterkunde!).
Veel inspiratie gewenst!

dinsdag 12 mei 2009

Beste, brave borst

Vanmorgen vroeg betrapte ik mezelf erop de collega's spontaan te begroeten met de stem en intonatie van Tom Manders als octrooi-ambtenaar. "Goedemorgen, beste, brave collega's." De inspiratie van L.S. kwam dus weer eens uit de Zeer Oude Doos . De helft van mijn collega's herkende het, de andere helft was te jong. Voor haar bij deze het filmpje.
Het tempo ligt laag, de voorspelbaarheid is groot, de kwaliteit is niet best en een lachsalvo zal het niet meer teweeg brengen. Maar een glimlach wellicht wel, gecombineerd met een wat meelijwekkend hoofdschudden: "Zo oud is die collega van mij dus al... tsja."
Met wat internetspeuren kwam ik erachter dat het filmpje werd uitgezonden op 21 januari 1967.

Zouden mijn kinderen op hun 54e zoiets doen met "Goeiesmorges!" van Jiskefet?

vrijdag 8 mei 2009

Jachtlaan

Ruim twee weken geleden maakte ik een alleraardigst uitstapje met mijn moeder en mijn teerbeminde. Naar Apeldoorn gingen we, naar Paleis 't Loo om precies te zijn. De laatste keer dat ik daar was? Dat moet minstens veertig jaar geleden zijn geweest en mijn herinneringen waren verflauwd en beperkt tot het koetshuis en de stallen. Nu zouden we het hele complex gaan bekijken, inclusief de veelgeprezen tuinen. Een mooie dag met veel verrassingen, zoals die tuinen en vooral het interieur van het paleis zelf: wat een allure!


Deze week volgde nog een verrassing: een bekeuring voor te hard rijden binnen de grenzen van Apeldoorn. Plaats delict (Ben van Balen opgelet: op mijn irrischaal is dit een 10): de Jachtlaan!

Een week na ons bezoek aan de Gelderse gemeente reed daar nog iemand anders te hard. Zou die inmiddels ook een bekeuring in de bus hebben?

woensdag 6 mei 2009

Six degrees of planets

Vanavond weer twee fascinerende tv-uitzendingen gezien: allereerst op BBC 2 een uitzending over de zogeheten Six degrees of separation-theorie (zie ook de speelsere vorm 'Six degrees of Kevin Bacon'), een redelijk ingewikkelde theorie over de nauwe betrokkenheid en samenhang van elementen in willekeurige structuren en netwerken. Het komt erop neer dat elementen in netwerken nooit meer dan zes stappen van elkaar verwijderd zijn. Op basis van een uit verveling geboren spelletje van twee Amerikanen - die de acteur Kevin Bacon als uitgangspunt namen en alle andere acteurs in de filmgeschiedenis tot medespelers promoveerden - zijn een aantal geleerden uit alle uithoeken van de wereld tot een verrassende theorie over de structuur van structuren gekomen. Dat gaat zover dat men zelfs toekomstvoorspellingen waagt te ontwerpen op basis van deze theorie.

Vervolgens overviel de zanger en journalist Stijn Meuris me op Belgie 2 met zijn cabaretachtige college over het universum (ten tweede male overigens: ik had hem al eens eerder aan het werk gezien in dezelfde serie Stijn en het Heelal), over buitenaards leven ditmaal, gespeeld in de prachtige academiezaal van Sint-Truiden. Hij heeft mij met deze vierde aflevering "Zijn wij alleen?" meer in de richting geholpen van het denken dat (intelligent) buitenaards leven misschien heel wel mogelijk is. Stijn geeft je namelijk in speels formaat een lesje in 'huidige stand van zaken' in de astronomie en exobiologie. Alleen al de bewering dat met enige zekerheid is vast te stellen dat er miljoenen planeten zullen worden ontdekt in de komende jaren (in tegenstelling tot de oude opvatting dat we het moeten doen met de acht of negen planeten in ons eigen zonnestelsel) moet een weldenkend mens ertoe zetten om het idee van buitenaards leven voor waarschijnlijk te houden. En voordat jullie me verslijten voor een Von Dänike-aanhanger: die waarschijnlijkheid is puur statistisch gefundeerd. Als er meer dan een miljoen planeten zijn, is de kans dat er een andere planeet is die aan precies de wetmatigheden voor leven (zoals wij die op blijkbaar goed wetenschappelijke gronden definiëren) voldoet, bijzonder groot. Wat we vervolgens met die groene mannetjes moeten, als ze ons al met een bezoek zullen vereren, daar heb ik net zo min een idee van als Stijn zelve.

Nu die twee ideeën nog met elkaar verbinden: buitenaards leven en de theorie van structuren. Dat vereist wat meer geestkracht, al is het alleen maar de geestkracht om twee fascinerende tv-uitzendingen op één avond (hoe willekeurig kun je zijn?) aan elkaar te koppelen.

woensdag 29 april 2009

Alexander de Grote

Gisteravond, De Vereeniging, een van 's werelds mooiste concertzalen (vinden ondermeer Frans Brüggen en het Tokyo Strijkkwartet). Alles was er om op je hoede te zijn: grote bewondering en fascinatie voor de pianist in kwestie, een heerlijke lenteavond, het beste gezelschap (E-Flor, ik aanbid je!), een veelbelovend programma en een heldere geest. Moest dat niet ergens mis gaan? Nee.

Alexandre Tharaud, piano, en Jean-Guihen Queyras, cello, speelden gisteravond de sterren van de hemel. Debussy, Schubert, Berg, Brahms en als toegift nog eens Debussy, alles klonk met ogenschijnlijk gemak slank, fijnzinnig, dieppeilend, ontroerend en alsof het zo en niet anders hoorde te klinken, maar tegelijk overrompelend anders. Vooral de Brahms was een wonder van helderheid en glans, ontdaan van alle Duitse speklagen en omfloersingen. Grandioos. Het publiek was wildenthousiast en terecht: dit was het hoogtepunt van een seizoen kamermuziek in Nijmegen.

En passant kregen de heren ook nog eens een Edison uit handen van Hans (Avro) van den Boom, voor hun cd met de sonates van Debussy en Poulenc. De overhandiging was niet zonder talige onhandigheden en ik betwijfelde even of Tharaud en Queyras wel wisten wat ze met deze clowneske, maar charmante Nederlandse meneer aan moesten, maar hij mompelde iets tegen ze van 'jury..... muzikaliteit.... prix..... Edison...' en ze kregen iets zwaars in handen geduwd, dus het zou wel goed zijn. Bovendien applaudiseerde het publiek als gekken. Later bedacht ik dat ze toch hoogstwaarschijnlijk ingeseind waren, maar of ze deze typisch Avro-mengeling van hoge en lage cultuur erbij voorzien hadden? Zeer waarschijnlijk niet.

Na afloop van het concert was het dringen geblazen bij de tafel van boek- en muziekhandel Roelants: de cd's van beide musici vlogen over de tafel, vooral de opname van Schubert's Arpeggione-sonate. En verdraaid, net had ik me tot vooraan de tafel gewurmd en speurde ik reikhalzend naar de Debussy/Poulenc-cd of daar schoven Alexandre en Jean-Guihen vlak onder mijn neus aan de overkant van de tafel aan, bereidwillig glimlachend en klaar om te signeren. Ik kocht de cd, ordinair in het blikveld van Tharaud wapperend met geld (hij wierp er een korte en klinische blik op), scheurde gehaast het cellofaan eraf en overhandigde hem aan de pianist. Door de drukte duurde het even voordat Jean-Guihen ook kon signeren, maar met een welwillende glimlach van beide heren kreeg ik de cd terug, met hun beider handtekening. Ik was weer even twaalf of daaromtrent en de daaropvolgende vijftien minuten helemaal van de kaart. Inmidddels heb ik ook een gesigneerd exemplaar weten te bemachtigen van de Ravel-dubbelcd van Tharaud.

Intelligent, speeltechnisch volmaakt, fijnzinnig en aangenaam eigenzinnig, dat is deze 'rare snijboon' Alexandre Tharaud: wie het niet gelooft, aanschouwe Tic toc choc op Youtube. En dan meteen door naar Couperin, Rameau, Bach, Chopin, Ravel en vele anderen componisten zoals ze door Alexandre le Grand onder handen zijn genomen!

zondag 26 april 2009

Wéér niet...

"Gisteren waren we de zin van het leven op het spoor en de oplossing van dit enigma dicht genaderd. In onze ooghoeken zagen we 'm voorbijschuiven, die oplossing. Een nog zwarte, vage vlek, afwisselend snel en dan weer kwellend langzaam, maar altijd net buiten bereik. Hij bleef in de buurt, waar we ook waren en wat we ook zeiden. We probeerden woorden, zinnen uit, maakten bepaalde verzoenende en uitnodigende en deemoedige gebaren, deden of we ons er niet voor interesseerden, alsof we ons kwaad op 'm maakten, spraken een tijd niet en dan weer heel veel. Niets hielp: hij bleef ons ontlopen, die zingevende oplossing, dat stuk ongeluk. We troostten ons met de wetenschap dat we nog jong zijn en nog redelijkerwijs tijd van leven hebben. Waarschijnlijk zien we 'm dan een keer breeduit voor ons staan, al het andere blokkerend, inclusief de adem die ons in de keel blijft stokken. Mogelijk is het het laatste wat we zien en kunnen we achteraf zeggen, dat het het láátste is geweest dat we gezien hebben. Maar zelfs daar zou ik vrede mee hebben."

uit: Piet Paulusma, Wéér niet: verzamelde filosofische opstellen, Ankh Hermes, 2009, pp. 217-218.

donderdag 23 april 2009

Terug?

Daar ben ik weer. Den lezer heil maar weer eens gewenst. Het bloggen heeft me even wat minder kunnen boeien. Het is ermee zoals met veel zaken van de Moderne Tijd Tegenwoordig Op Dit Moment Anno Nu: je wordt er doodnerveus van. Door de veelheid aan mogelijkheden, door de veelheid aan informatie en door de wens om het allemaal bij te benen.

Pas op de plaats en terug naar de (persoonlijke, altijd persoonlijke) Waarheid, die Rust brengt in het leven en Ware Voldoening schenkt. Terug naar de drie vitamine C's des Levens: Contemplatie, Concentratie en Humor. En de drie L's natuurlijk: Lezen, Luisteren en Lekker eten. Gewoon de tijd nemen voor m'n eigen onzin en minder voor die van anderen. Moet je eens zien hoe dat de kwaliteit van het leven "significant" (=Irritaal*) verbetert!

Derhalve dus meteen een voetnoot bij het "pas op de plaats": dat is alleen letterlijk te nemen als je uitgaat van "to blog or not to blog", niet als je ziet waar het op uitdraait. Op lezen en beetje schrijven en een mooi, rustig en diepzinnig leven dus.

Daar wil ik dan vervolgens best een keertje over bloggen.



(* Zie ook het boek van Ben van Balen, Irritaal: over goeiemoggel, toppiejoppie & andere irritante taal, en zijn weblog!)

woensdag 15 april 2009

Surprise, surprise!

Britain's got talent is zo'n talentenjacht waar elke idioot zingend of blèrend uit mag proberen of de zaal en de jury het pikt. Een stoet amateurs, arrogante jury erbij, een afgeladen volle zaal en klaar is Kees. Ik zal er niet naar kijken.
Maar een kort verslagje op de Belgische tv deed me naar boven rennen om het optreden te bekijken van ene Susan Boyle, een vrouw van 47 jaar, met een lichte geestelijke handicap, samenwonend met haar kat en - zoals de commentatrice met gevoel voor understatement het formuleerde - niet moeders mooiste.
De vrouw kwam op, beantwoordde de gebruikelijke vragen van een skeptisch ogende jury, deed en zei wat rare dingen, onder andere dat ze het liefst professioneel zangeres wilde worden, werd door de zaal half uitgelachen en mocht toen gaan zingen.
Wat er toen gebeurde, tart alle beschrijving.... Kijk, luister en huiver!

De volledige versie met een kort interview vooraf is hier te zien.

dinsdag 14 april 2009

Verzorgingsplaats

"Verzorgingsplaats": kent u die term? Ik niet, maar ik kwam 'm tegen toen ik op zoek was naar de achtergrond en verklaring van de mooiste naam die in Nederland gegeven is aan wat ik tot nu toe aanduidde als een parkeerplaats of Raststätte. Die naam is Swentibold. Ter hoogte van Sittard op de A2 intrigeerde mij die naam keer op keer. De combinatie "Sw" in combinatie met "bold" deed me vermoeden dat het om iets Germaans of Scandinavisch ging, maar wat of wie? Hoe dan ook: een prachtnaam! Ik ben er nooit gestopt, maar wel vaak gevaarlijk dicht de vangrail genaderd omdat ik m'n ogen niet van die bizarre lettercombinatie af kon houden. Swentibold.

En nu, na een paar toets- en muisbewegingen, weet ik dat Swentibold een Frankische koning was, de eerste en laatste koning van Lotharingen, die dat rijk van 895 tot aan zijn dood op 13 augustus 900 geregeerd heeft. Hij heeft slag geleverd bij Susteren, is daarbij omgekomen en in de nabijgelegen abdijkerk, de huidige Basiliek van de Heilige Amelberga, begraven.

Zijn eigenlijke naam (is dat te beweren met al die spellingsvarianten?) is Zwentibold, maar hij staat ook bekend als Sanderbout, Sanderboldus of zelfs als Xhenderboldus (en natuurlijk als Swentibold). Zijn naam is een Frankische vertaling van Svatopluk, zijn Moravische peetoom.

Zwentibold was al net zo'n rare kwibus als zijn naam. In Hendrik Conscience's Geschiedenis van België staat een blijkbaar typerende gebeurtenis beschreven:

"Hierop kwam de woedende Zwentibold op nieuw het kasteel van Reinier belegeren, doch even vruchteloos. Geen ander middel ziende om de verschanste leenheeren te straffen, wilde hy dezelve door de geestelykheid in den kerkelyken ban doen slaen; dit hem geweigerd zynde, viel hy uit in scheldnamen tegen de bisschoppen en bragt de vermetelheid zoo ver, dat hy den aertsbisschop van Triers eenen stokslag op het hoofd dorst geven. Dit schandelyk gedrag deed iedereen tegen hem opstaen; de leenheeren spanden te samen en gaven de kroon aen Lodewyk van Duitschland, zoon van den overleden Arnold. Zwentibold vergaderde intusschen een leger en verwoestte het land; maer korts daerop, in 900, verloor hy het leven in eenen veldslag by de Maes."

Opvliegend van aard en een slecht leider, zo kennen we de Lotharingse koning. Vijf jaar heeft-ie het volgehouden, de driftkop. En nu is zijn naam verbonden aan een "verzorgingsplaats", een aanduiding die doet vermoeden dat er witgekapte zusters rondlopen, met lange witte schorten voor, die zich ijverig, doch met ingetogen blik, inspannen om uitgeputte weggebruikers op krachten te laten komen. Maar ook hier is de geschiedenis wreed: er is slechts een tankstation van de Shell en de plek is bekend onder homo's die elkaar daar ontmoeten, omdat het terrein goed verlicht is en dus veiligheid biedt. Dat is dan wel de veiligheid van een (merkwaardigerwijze als snel als heilige vereerde) koning Heethoofd, die niet aarzelde zijn staf in tweeën te slaan op onschuldige hoofden. Een verzorgingsplaats indeed.

vrijdag 3 april 2009

Zon!

Dit wordt een heel voorspelbaar stukje. De titel zegt al genoeg: de zon schijnt en de temperatuur loopt op. Een mens wil buiten zijn en u begrijpt het al: ik zit binnen. Maar daar valt nog mee te leven.
Op één kamer met twee collega's zit ik. Daar is heel goed mee te leven, want het zijn fijne collega's, als mens én als medewerker, als u het subtiele verschil kunt waarderen. Maar nou is net de ene vertrokken naar een bijeenkomst ergens in het land en de ander heeft vanmiddag vrij.
En dat is een combinatie die pijn doet. Ik zei al: het wordt een voorspelbaar stukje. Zit ik hier vanmiddag helemaal alleen, achter een pc, met uitzicht op een zonovergoten campus, door reusachtige ramen die vorige week nog van binnen en van buiten blinkend schoon zijn gewassen door de glazenwassers.

Mijn enige troost is nu een enorme klodder eksterpoep, die door zo'n kwetterende rotvogel op mijn raam is gedeponeerd, vlak nadat de laatste glazenwasser was verdwenen, en precies op ooghoogte, vol in mijn blikveld.
Die smet op mijn uitzicht ga ik vanmiddag tandenknarsend koesteren. Rotvogel. Rotzon.

woensdag 1 april 2009

Gefoppet?

Zou het wáár zijn? Wim de Bie is terug? Als Meneer Foppe? Met z'n eigen foppelog?? (Zie ook de lijst Blogs die ik volg.) De eerste bijdrage -- "post" heet dat, geloof ik, maar dat wil ik niet weten -- dateert van 17 maart, dus een één-aprilgrap kan het niet zijn.... Jauchzet frohlocket dan dus maar, voorzichtig?

Waar wierook is...

Net gezien dankzij die onovertroffen humor-omroep RKK: een jonge pastor die van zijn kerk een wierookvrije ruimte heeft gemaakt. Opname van een mis in een grote kerk met aandachtige 90-plussers en verdomd (o pardon): geen kuchje te horen, geen tranende ogen te zien, en een vrije blik van voor naar achteren door de kerk. Volgende shot (pun intended): de aparte wierookruimte. Daar zaten vijf diehards, wierookverslaafden van het eerste uur, te luisteren naar de mis via een intercom. Hun uitzicht in de kleine ruimte werd gevormd door elkaar en een machtig walmend wierookvat.

Het wachten is op Ab Klink: zal hij dit initiatief oppakken en... zal Nederland nu ook eindelijk wierookvrij worden??

dinsdag 31 maart 2009


De strijd tussen ultra-darwinisten enerzijds en creationisten anderzijds blijft voortduren en smeulen als een veenbrand. De eerste groep probeert het darwinisme aan te wenden om alles te verklaren en dus ook om God overbodig te verklaren, de andere groep ziet het darwinisme niet alleen als een bedreiging voor de zienswijze dat de bijbel de enige Waarheid is, maar ook als bedreiging voor het morele heil van de mens.

Een BBC-documentaire die ik vanavond zag, Did Darwin kill God?, probeert de middenkoers aan te houden en is me dus al sympathieker dan de extreme posities die hierboven worden beschreven. De samensteller en presentator, Conor Cunningham, presenteert zich als christen én overtuigd aanhanger van de evolutietheorie. Hij ging op zoek naar wat een wig dreef tussen Darwin en het geloof in God en komt ondermeer tot de conclusie dat de orthodoxie van de Kerk altijd een symbolische interpretatie van de bijbel heeft ingehouden en dat de letterlijke interpretatie, die altijd kan leiden tot de bewering dat de aarde hooguit 6000 jaar oud is en in zes dagen geschapen is, een anomalie is geweest en altijd zal blijven.

In de loop van de één uur durende documentaire verschijnen heel wat personen voor de camera, maar degene die me het meest bij is gebleven was Michael Ruse, een Britse wetenschapsfilosoof en atheist, die het ondanks die combinatie heel wel mogelijk vindt dat mensen in een God geloven én darwinist zijn. De wetenschap moet zich bezighouden (houdt zich daar ook alleen maar mee bezig!) met de vraag "Hoe?", dan kunnen gelovigen zich bezighouden met de vraag "Waarom?" Wetenschappers als Richard Dawkins en Daniel C. Dennet, die de oorlog verklaren aan God, gaan hun boekje als wetenschappers te buiten en doen in feite uitspraken over iets waar ze geen uitspraken over kúnnen doen.

Ook al ga ik steeds meer twijfelen aan het bestaan van God, de gedachte dat men als wetenschapper geen geldige uitspraken kan doen over het godsbestaan is me toch wel heel erg dierbaar.

vrijdag 20 maart 2009

Kartoens

Nou moet ik toch even de loftrompet steken van de Belgische Kartoenfabriek, waar ik al geruime tijd kaarten van koop, die ik vervolgens niet eerder verstuur dan dat ik me verzekerd heb van een eigen exemplaar. Hun handelsmerk is de kaart met een oude foto en een werkelijk hilarische tekst erbij. Ze zijn vooral te krijgen bij de boekhandelketen S. waar ik wel en geen reclame voor wil maken (steunt den kleinen zelfstandige, zoals Roelants en Augustinus!).





Meer in de privésfeer: mijn zus M.S. zou zo haar eigen kartoenfabriek kunnen beginnen. Haar uitbundige verzameling plaatjes is enorm divers en de afbeeldingen zijn vaak tekstloos, maar minstens zo sprekend, zoals van Teleman en Televrouw hiernaast. Hem is op vakkundige wijze de mond gesnoerd en zij had toch al niet veel te melden, zo is mijn indruk. Tegen de tijd dat haar fabelachtig mooie agenda weer te koop is, maak ik ongegeneerd reclame voor haar website!

donderdag 19 maart 2009

Zelfzucht (hoera)

Nog een fan en volgster die het begrepen heeft:



Goed, het ding kostte blijkbaar niet veel, maar ze moest er helemaal voor naar Australië!... Ze liet me wel beloven dat ik 'm zou gebruiken. Bij deze!

Dank, M.!

woensdag 18 maart 2009

Zelfzucht (zucht)

Wat kan een mens toch door de mand vallen! Ook voor zichzelf. Dat laatste overkwam me in de korte tijd dat ik blog een paar maal.
Ik betrapte me er namelijk op dat ik er een beetje de pest in had weinig (?) reacties te krijgen. Ik schreef een aangenaam leesbaar stukje, verbeterde nog wat, voegde een plaatje toe, schrapte nog iets, las en herlas, publiceerde en bewerkte toch weer even, en dan stond het daar. Vlak onder die aanvangstekst waarin iedereen kan lezen met hoeveel tegenzin ik meedeed aan dat digitale Ik-tijdperk... En maar dus want: wat wilde ik daarentegen niettegenstaande graag gelezen worden! Multatuli valt erbij in het niet. En vooral: wat wilde ik graag mérken dat men mij leest! Waar bleven die reacties nou, huh huh?! Nou?! Die knop zit er toch niet voor niks?!!....

Oeps... ik wilde toch niet met mezelf te koop lopen? Ik schreef toch alleen voor mijn eigen plezier? Niet dus, moet de conclusie luiden: iedereen - en ik dus ook - schrijft zijn of haar roman, column, blog, gedicht, handleiding, missive, recept, hate-mail, schandkroniek of liefdesbrief om gelezen te worden en om er vervolgens iets op te horen. Iedereen heeft, zal ik maar zeggen, zijn eigen Geert Wilders in zich, een mensje dat het voor elkaar krijgt gewoon gekke dingen te doen of gewone dingen gek te doen, en daardoor iedereen naar zich laat kijken.

Lieve lezer, laat je niet door me opnaaien. Ik blijf gewoon aangenaam verder schrijven en zal geen gekkere dingen gaan doen dan dit stukje, en iedereen (nou ja, bijna iedereen) mag van mij ook gewoon in dit land blijven, maar mocht de aandrang om te reageren opwellen... ach gut, ik lijd na drie maanden al aan het onherstelbare Syndroom van Blog....

zondag 15 maart 2009

Het vierde reetje

Agelopen vrijdagavond fietste ik in goed gezelschap over een onverlicht, maar prachtig geasfalteerd fietspad door het bos naar Malden. Doel was onze twee- tot driemaandelijkse muziekavond met vergelijkende discografie en bijbehorende kaasplankwedstrijd. We beluisteren dan twee klassieke muziekstukken naar keuze in drie tot vier uitvoeringen, discussiëren naar hartelust over wie van de internationaal vermaarde musici er naar onze bescheiden mening geen bal van kan en nemen nog een slok goeie wijn. Vrolijkheid alom. Ik lijk er wat mee te spotten, maar wat is dat leuk en leerzaam!
De goede moed zat er dus in en ook veel zin in het naderend klassiek verpozen.

Ik fietste voorop op mijn onlangs met universitaire steun aangeschafte nieuwe rijwiel, dat van Nederlands fabrikaat was en volgens het iets minder Nederlandse opschrift "handmade". Voordeel van zo'n nieuwe fiets: een "zelfdenkende" koplamp en idem achterlicht. Aldus halogeen de weg beschijnend fietste mijn fiets als vanzelf zoef-zoef over het bosfietspad. Aan weerszijden was het bos donkerder dan ooit. Plosteling van rechts geritsel en een halve seconde later staken één, twee, drie reetjes vlak voor mijn fiets als één, twee, drie oplichtende vlekken het pad over. Door hun vloeiende manier van bewegen leek het alsof ze langzaam bewogen, maar in werkelijkheid waren ze in een seconde aan de overkant. En een fractie van een seconde later volgde nummer vier, die even leek te hebben geaarzeld, maar het toch socialer achtte om zo dicht mogelijk bij zijn vriendjes te blijven en dus het ranke lijf in ware doodsverachting voor mijn voorband gooide. Nou was ik gelukkig al aan het remmen en dat feit, plús een schielijke wending van 's reetjes kont (hoe verzin je 't?), behoedde ons voor een onzachtzinnige botsing.

Buiten adem van opwinding kwam ik tot stilstand en mijn companen ook. We wisselden onze verbazing en verbijstering uit en zetten daarna de tocht voort, langzamer en behoedzamer, maar het bospad bleef vrij van verdere spontane ontmoetingen met boscreaturen.

Toen later op de avond het inmiddels vertrouwde "Opname A", "Opname B", "Opname C"en "Opname D" klonk, en er harde oordelen werden geveld over opname D, moest ik onwillekeurig terugdenken aan het vierde reetje. Op dat bospad hadden we elkaar nog weten te ontwijken, maar hier in de huiskamer had pianist Barenboim minder geluk dan het ree. Had-ie z'n kont maar moeten bewegen in plaats van star door te drammen...

woensdag 11 maart 2009

Dubbelop

Ik kan het niet laten: net als je zou denken "Nou vergooit-ie wel genoeg tijd aan zichzelf en z'n verrekte blog", gaat-ie met een tweede blog beginnen! Aangejaagd door een van de Nederlandse 2.0-goeroe's, Wouter Gerritsma, ben ik een uitwedstrijd gaan spelen met WordPress, een andere blogsite-aanbieder of hoe dat ook heten mag. Als excuus had ik kunnen aanvoeren dat het moest, omdat het een opdracht in een 2.0-cursus was, maar dat doe ik niet: ik wilde veel te graag! Die andere blog (u hoeft er écht niet naar te kijken, hoor!!) heeft als dekmantel meegekregen dat-ie alleen over bibliotheekzaken gaat, maar ik probeer 'm natuurlijk stiekem minstens zo leuk en onderhoudend te maken als deze site. Ik ga hier van een zekere vooronderstelling uit, zoals de oplettende lezer niet ontgaat.....

Over de cursus zelf zal ik kort zijn: ik vind 'm noodzakelijk en inspirerend en verwarrend. 't Is net Kunst dus, zal ik maar zeggen. Maar zeker ook Ambacht, want je moet verdomd veel kennis en handigheid en een zekere aanleg in huis hebben om je weg te kunnen vinden in de wirwar van nieuwerwetsigheden. Wist ik veel van RSS-feeds (wat stond ik te kijken van Wim de Bie die daar jaaaaaren geleden al mee wist om te gaan op z'n helaas ter ziele gegane Bieslog!), mash-ups, Netvibes, Google reader, widgets en posts!

Mochten jullie me de komende tijd wat nerveus vinden overkomen, dan weten jullie in elk geval waar het aan ligt:
(fluisterend, achter de rug van de hand) "Ja, ze zeggen dat die man twee blogs heeft te onderhouden!"

dinsdag 10 maart 2009

Wil de echte Shakespeare uit de lijst stappen?


De afbeelding rechts onderaan is het zogenaamde Janssen-portret van Shakespeare uit de Folger Shakespeare Library in Washington. Het heeft in de National Portrait Gallery gehangen toen daar een expositie was over de zoektocht naar de ware en werkelijke Shakespeare. Nu is er een schilderij opgedoken dat na drie jaar onderzoek door de bekende Shakespearekenner Stanley Wells wordt aangemerkt als het origineel waarnaar het Janssen-portret is gemaakt. En dat origineel: is dan ook meteen het enige werkelijke portret van William Shakespeare. Het is bij zijn leven gemaakt, toen hij 46 was (in 1610 dus). De tot dusver gezaghebbende afbeeldingen zijn het Droeshout-portret uit de First Folio en de buste op het grafmonument in Stratford-upon-Avon. Geen van beide is bij leven gemaakt. Kortom, wat we hierboven zien is het enige betrouwbare portret van de grote Bard.
Het duurde even voor het tot me doordrong, maar aangenomen dat het inderdaad waar is wat Wells en de zijnen beweren, dan is het wel buitengewoon spectaculair. Ook omdat we hier geen bohemien-achtige creatieveling zien (zoals in het Chandos portret, uiterst linksboven, en voor mij eigenlijk favoriet), maar een echte gentleman, duur en elegant gekleed volgens de laatste mode van 1610. Aan het slimme trekje rond de ogen zien we zijn geest en geestigheid, aan de natuurlijkheid van zijn waardige houding zijn superioriteit en status. Dit is een man van de wereld en Wells zegt niet helemaal ten onrechte dat het schilderij mogelijk weer een generatie nieuw onderzoek zal stimuleren.
Ondertussen ben ik blij: die afstotelijke Droeshout-gravure met z'n bolle ogen kunnen we nog kwijtraken als icoon van Shakespeare. Maar toch overheerst een zekere droefheid: de brutale bohémien van Chandos, met dat sluwe lachje en dat anarchistische oorringetje was toch ook wel heel verleidelijk om te koesteren.
Ik blijf deze Cobbe-Shakespeare voorlopig nog een beetje wantrouwen.


zaterdag 7 maart 2009

Optreden

Recensie in dichtvorm

Ives, oh, Ján z'n spel vond ik gortdroog.
Anna & quiz't niet al te best.

donderdag 5 maart 2009

Superman ontspoord

Hebben we dacht ik allemaal wel eens: we zien een gevaarlijke situatie en iemand reageert snel en adequaat. Vraag: zou ik dat ook gedaan hebben? Of: hoe zou ík in zo'n situatie reageren? Gelukkig komt er maar zelden een mogelijkheid om het antwoord te ontdekken.
Ik had de mogelijkheid afgelopen dinsdag wél: ik zag een oude mevrouw op de rand van de busbaan aarzelen, misstappen, wankelen en als in slow motion recht voorover vallen, midden op de busbaan.

Jullie begrijpen, dit wordt een heldenverhaal, anders ging ik dit echt niet vertellen, dus: zonder links of rechts te kijken (ik kan het me althans niet meer herinneren) stortte ik mij als een selfmade Superman in de richting van de gevallen vrouw (Maria Magdalena zou bij mij ook in prima handen zijn geweest) en hielp haar overeind. Inmiddels was er ook iemand anders bij gekomen en nog iemand, geloof ik, maar dat is niet zo belangrijk, het gaat nu even om mij, ja?! Afijn, ik neem de vrouw voorzichtig, maar ferm mee naar het nabijgelegen terras en zet haar in een comfortabele stoel, ondertussen de toegesnelde ober vragend om een glas bier. Iemand anders suggereerde een glas water, maar dat blief ik niet, totdat bleek dat het voor die vrouw was.

Daar heb ik toch zo'n hekel aan, aan mensen die dan meteen aan een ander gaan lopen denken. Het mens kon geen woord uitbrengen, dus hoe weet je dan of ze wel een glas water wil!? Doe toch normaal, zeg! Afijn, toen dacht ik ook: nou is het mijn beurt om er eens makkelijk bij te zitten, wie heeft er hier per slot van rekening een heldendaad verricht? Zich met gevaar voor eigen leven op de busbaan geworpen?? Nou dan, kom op zeg! Dus ik wou net gaan zitten, zegt die vrouw: "Raar hè, dat een mens zomaar valt". Ja, toen had ik het er wel helemaal mee gehad, hoor. Luister, ik red iemand niet het leven om vervolgens allemaal onzin aan te moeten horen. Dus ik liet het bier maar het bier en ging verder de stad in, op zoek naar verdere antwoorden op stomme vragen. Achter me hoorde ik nog zwakjes "Ik geloof niet dat ik wat heb."

dinsdag 3 maart 2009

Super de Boerenhoeve

Gisteravond weer eens buiten de deur gegeten, vér buiten de deur. Met achter mij de warmte van een open haard en voor mijn de warmte van vriendschap. Vanuit die comfortabele positie keek ik eens goed rond: dus hier, in deze verbouwde boerenhoeve, hadden Napoleon en Rommel eens rondgelopen. Althans, zo wilde de overlevering het, stelde het inleidinkje op de menukaart voorzichtig. Ik snoof de sfeer op, maar kwam niet verder dan de tafel links (een bedaagd ouder echtpaar) en rechts (een luidruchtig pratend en hoestend gezin-met-geld-maar-zonder-tafelmanieren). Geen rapport met welke beroemde overledenen dan ook. Dus keerde ik terug naar mijn eigen tafel, waar een andere vorm van telepathische verbinding tot stand was gebracht: mijn disgenoot en ik hadden onafhankelijk van elkaar hetzelfde menu samengesteld en bleken het ook eens te zijn over de wijnkeuze. Een Chileense rode wijn, die ik daags daarvoor met vreugde had begroet in de schappen van mijn Super de Boer om de hoek. Deze Missiones de Rengo Reserva (etiket in de vorm van een gouden kruis) is slechts sporadisch voorradig, maar wordt dan ook prompt door mij gekocht. Dat ik 'm nu in dit restaurant te drinken aangeboden kreeg, overtuigde mij definitief: dit was geen Rommel... Santé, amice!

maandag 2 maart 2009

Kroketten


Afgelopen zaterdag stond er in de Volkskrant een nieuw boek van Yvonne Kroonenberg aangekondigd: Alleen de knor wordt niet gebruikt: biografie van een varken. Weer een prachtige titel van een prachtige vrouw. Bij Knorr zullen ze er niet zo blij mee zijn, maar dan moet je ook maar een normale naam voor je bedrijf bedenken.

Het boek gaat over varkens in de bio-industrie en dat het wil aantonen dat varkens 'hele leuke dieren' zijn, moeten we maar ondergeschikt maken aan Kroonenbergs algemene stelling dat het tamelijk verschrikkelijk is wat we die beesten allemaal aandoen. Ik wens haar een ruim lezerspubliek.

Maar een bericht vanmorgen in dezelfde krant doet me ernstig twijfelen of die wens in vervulling zal gaan. Volgens het voorpagina-artikel vreet men in Nederland de kredietcrisis naar de vergetelheid: de consumptie van kroketten en bitterballen is de laatste tijd namelijk flink gestegen. En de omzet van cafetaria's groeide mee, terwijl de rest van de horeca zit te jammeren en te jeremiëren.

Het zullen ook vrouwen zijn die meedoen aan deze ontwikkeling, maar even drong zich het beeld op dat Yvonne Kroonenberg hartstochtelijk bestreed: haar nieuwe boek gaat niet over mannen, zo zei ze tegen de interviewer, maar over varkens, en nee, er bestaat geen verband.
Ik twijfel weer eens...

vrijdag 27 februari 2009

Bien étonnés de se trouver ensemble


Jacob van Oost
Portret van een jongen, 1650

Tijd voor esthetiek en educatie: ik ga een keuze maken uit de 1500 schilderijen die we in naar schatting 2,5 uur gezien hebben in de National Gallery. Schrik niet, ik kies er maar twee!! Tamelijk willekeurig, alhoewel... het zijn twee portretten die me ook dagen na het bezoek op het netvlies zijn achtergebleven. Ik heb er even naar moeten zoeken op de site van de NG, met name naar het schilderij van Jacob van Oost, wiens naam ik nooit eerder had gehoord en dus ook prompt weer vergeten was. Maar hierboven en hieronder zijn ze, mijn persoonlijke keuzes....

Anthony van Dyck
Portret van Nicolaas van der Geest, ca. 1620

En dan de hamvraag: waarom juist deze schilderijen? Maar kíjk dan toch! Dat prachtige sober afgestemde kleurenpalet van Van Oost, de tederheid, die pose, de raakheid! En bij de Van Dyck schiet de techniek te kort, ónze techniek welteverstaan: het gaat daar om de details in het gezicht, witte veegjes verf die de vochtigheid van ogen en lippen aangeven. En bovendien kende ik Van Dyck eigenlijk alleen als virtuoos schilder van grootse portetten ten voeten uit, bedoeld om te imponeren, en dan is hier zo'n intieme psychologische studie.

(Aardig detail: mocht je in de National Gallery komen: de beide schilderijen hangen in zaal 28, tegenover elkaar!)

donderdag 26 februari 2009

The rest is silence

In zo'n wereldstad als Londen kun je natuurlijk een hoop moois kopen. En een hoop bruikbaars. En soms, heel soms, kun je het nuttige met het aangename verénigen. Niet iedereen zal er blij mee zijn, maar dat hou je toch. En in dit geval is degene die het betreft sowieso effectief het zwijgen opgelegd, dacht ik zo...

The Supreme Library

Afgezien van het bezoek aan The Globe - nee, geen pub, maar een moderne reconstructie van het oude Shakespeareaanse theatergebouw aan de de zuidoever van de Theems - waarvan ik ook wilde dat het geslaagd zou zijn, was de grootste verrassing van Londen het bezoek aan de British Library. Een imposant gebouw, natuurlijk, zowel van buiten als van binnen, en de King's Library


is geheel vanzelfsprekend oogstrelend en verpletterend mooi bedacht. De Darwin-tentoonstelling is alleraardigst, met vogelgeluidjes waardoor je de indruk hebt in Darwins tuin rond te lopen en een welkoms-loper waarop je bij iedere stap een uur of wat verder komt in Darwins dagindeling (zo lag hij 's middag een uurtje te rusten, terwijl zijn vrouw hem voorlas).

En dan is er de Sir John Ritblat Gallery, waar de schatten van de bibliotheek getoond worden. Een geheel in zwart en glas uitgevoerde lage ruimte, met vitrines waarin het ene adembenemende item na het andere te zien is. Alles is even zorgvuldig opengelegd, met volmaakte toelichtingen: twee kleine velletjes handschrift van Jane Austen (klein, want dan was het gemakkelijk en snel weg te stoppen als er iemand binnen dreigde te komen), het muziekhandschrift van de Messiah, de enige bladzijde van een toneelstuk met (naar algemeen wordt aangenomen) het handschrift van Shakespeare, de stemvork van Beethoven die via de vioolvirtuoos George Bridgetower in Engeland belandde en natuurlijk de Magna Charta.
Het wordt een normaal mens al snel te veel en ik verliet dan ook halverwege de ruimte om even iets anders te doen en te zien. Na terugkomst viel me een enorm liggend computerscherm op waarop je een aantekenboekje van William Blake kunt raadplegen, alsof je er zelf doorheen bladert. En alles is gedaan met zo'n serene vanzelfsprekendheid, dat het me opnieuw naar de keel greep.

Maar de druppel die de emmer deed overlopen was een perfect vormgegeven bordje met de laconieke mededeling dat als je moeite had met de belettering van de toelichtingen in de vitrines er bij de balie een boekje met grote letter voor je klaarlag. Buiten ben ik op een bankje gaan zitten. Na een kwartiertje ging het wel weer.

dinsdag 17 februari 2009

Freek op het droge

Als altijd laverend tussen gevatheid en professorale ernst - en falend in beide - hield een hooggeleerde, voorzitter van het FransKellendonklezingorganisatiecomité, onze nationale cabaretier Freek de Jonge enkele pijnlijke minuten lang gegijzeld op het toneel van de Concertgebouw De Vereeniging. Hij wilde terugblikken op de zojuist door "De Jonge" gehouden Kellendonklezing, hem ervoor bedanken, wijs samenvatten, prijzen en zelf belangrijk zijn - en faalde in alles.

Maar dit terzijde. De lezing zelf - Freek wees halverwege het betoog op de stapel papier waaruit hij voorlas, "anders zou het geen lezing zijn" - was een briljante en ongrijpbare aaneenschakeling van verhandelingen, vertellingen, poëzie ("in het theater zou ik nu een klein applausje krijgen" wierp hij de muisstille zaal na voordracht voor de voeten), witzen, herinneringen, stekeligheden (waarbij vooral Erik [van Muiswinkel] het moest ontgelden), radicale oplossingen en pesterig-zweverige voorspiegelingen. Een verhaal over een wijze monnik vormde de kern: zijn antwoorden op werkelijk alle vragen waren op twee vingers te tellen: "Komt u volgend jaar maar terug" en "Geduld". Freek suggereerde dat in dat laatste een oplossing lag voor ons problematisch bestaan zonder mysterie.

Of vat ik nu net zo slecht samen als de hooggeleerde? Zonder tekst is het moeilijk praten en die tekst is er nog niet. Want waar we de andere keren na afloop van de Kellendonklezingen keurig de uitgesproken tekst uitgereikt kregen, moesten we het nu doen met de mededeling dat we er nog van zouden horen (daar gaat m'n twaalf-en-een-halve euro!). Een mooie inkopper voor de uitleidende professor was dat geweest: dat we geduld moesten oefenen. Maar hij kwam er niet op.

En al die tijd stond Freek in z'n krijtstreeppak met absoluut niet bijpassend overhemd helemaal ongelukkig te wezen op het toneel. Dat had de geleerde heer dan weer wél bereikt: een theaterdier zich ongemakkelijk laten voelen in zijn natuurlijke habitat...

donderdag 12 februari 2009

Spreken in het openbaar

Gisteravond op televisie gehoord:

"Tsoof'rj terjtee-elniejs"

Ja, lees dat nog maar eens een paar keer met Goois accent hardop, dan hoor je jezelf misschien uiteindelijk zeggen:

"Tot zover het RTL-nieuws"....

(even het lege veld hierboven blokken, dan kun je de oplossing lezen)

woensdag 11 februari 2009

Focus

Het bericht op de BooksBlog van de Guardian over Iris Murdoch trok mijn aandacht. Niet mijn meest favoriete schrijfster en ook Sam Jordison, auteur van het artikel, is niet weg van haar. Zoals blijkt uit de tweede alinea: daarin wordt haar proza uit de jaren '70 vergeleken met iets wat wordt aangeduid als prog-rock yodelling solos. Dat intrigeert, zo'n doldwaze aanduiding of moet ik zeggen "maf"?...
Doe jezelf een plezier en klink de link aan. Je komt dan uit bij een zelfs voor mij (!) bekend fenomeen, dat door de licht hysterische presentatrice wordt aangeduid als "one of the most together and exciting groups goin'..." We schrijven 1973....

dinsdag 10 februari 2009

George W. Balkenende

In één klap is het duidelijk: diezelfde onbeholpen tred, griffemeerd stijf, hompelig, met die armpjes een beetje van het lijf weggehouden, diezelfde ongemakkelijkheid ondanks het kekke T-shirt en het o zo informele jekkertje. Popie-Jopie doen tussen onze jongens in Uruzgan.

Die beruchte 'vriendschappelijke ontmoeting' in het Witte Huis van jaren her oefent zijn invloed tot op de dag van vandaag uit. Jan-Peter wil nog steeds dolgraag George Dubya zijn!

Let op de onbekende man uiterst rechts achteraan: die lijkt z'n kop eraf te lachen!

Darwin's opa

Dat Darwin niet uit de lucht kwam vallen met z'n denkbeelden wordt in klein bestek duidelijk gemaakt in een alleraardigste tentoonstelling in het Huygensgebouw, het al niet meer zo nieuwe onderkomen van de bètawetenschappen in Nijmegen. Aan de hand van (originele) 18e en 19e eeuwse uitgaven van Martinus Houttuyn (een volgeling van Linnaeus), Cuvier, Buffon en Lamarck zien we een aantal wetenschappers om zich heen turen en terugschrikken voor de uiteindelijke Grote Sprong Voorwaarts. Ook Darwin heeft lang genoeg geaarzeld, trouwens. Biograaf David Quammen noemt hem niet voor niets 'the reluctant Mr Darwin'. Maar uiteindelijk waagde ook hij de stap en publiceerde in 1859 On the Origin of Species, zo'n 25 jaar nadat hij de eerste beginselen al op papier had gezet.

Een prachtige voorloper van Darwin, primitief en zonder degelijke bewijsvoering, was een 18e eeuwse natuurvorser en poeët die in wijdlopige gedichten de natuur bezong. In The Temple of Nature (na zijn dood gepubliceerd, in 1803) komt een passage voor waarin het ontstaan van het leven uit de oceanen wordt beschreven:

ORGANIC LIFE beneath the shoreless waves
Was born and nurs'd in Ocean's pearly caves;
First forms minute, unseen by spheric glass,
Move on the mud, or pierce the watery mass;
These, as successive generations bloom,
New powers acquire, and larger limbs assume;
Whence countless groups of vegetation spring,
And breathing realms of fin, and feet, and wing.

Niet bepaald een denkbeeld dat gemeengoed was. Het zou tot in de 20e eeuw duren voordat men de diepe oceanen als mogelijke kraamkamers van het leven op aarde ging zien. De bedenker van dat fraais: Erasmus Darwin, de grootvader van onze Charles. Nu jullie weer...


Afbeelding: Erasmus Darwin (1732-1802) door Joseph Wright, 1792